© kunstenaar
Creatief talent en duizendpoot Claudie Douwes Dekker (Kuala Belait, Brunei, 1955) brengt haar jeugd in Brunei en Venezuela door. Als elfjarige komt zij naar Nederland waar zij na haar eindexamen H.B.S. kiest voor de opleiding tot Industrieel Ontwerper; teleurgesteld door het overwegend technische karakter van de studie in Delft verruilt zij deze na twee jaar voor de opleiding Aanleg en Onderhoud van tuinen. Jarenlang combineert Douwes Dekker in het ontwerpen van tuinen haar veelzijdige talenten met haar passie voor alles wat groeit en bloeit. Haar grote voorbeeld en inspiratiebron hierbij is Louis le Roy: “Laat groeien wat groeit en beperk het menselijk ingrijpen tot de allernoodzakelijkste handelingen – de natuur ordent zichzelf”.
Na tien succesvolle jaren als tuinadviseur neemt Douwes Dekker in 1988, samen met haar nicht Renske, in Utrecht één van de dan weinige in glaskunst gespecialiseerde galeries over. Gedurende vijf jaar runnen zij samen ‘Douwes Dekker glasgalerie’. Zij organiseren tal van tentoonstellingen waarin ze bekend en onbekend talent samenbrengen. Claudies voorliefde gaat daarbij uit naar kunstenaars die verschillende materialen combineren, zoals glas met hout en/of steen. In de jaren negentig raakt Claudie betrokken bij de organisatie van Keramuze, een driejaarlijks terugkerende manifestatie in De Bilt waarin keramiek centraal staat.
De ontwerptafel missend en in aanraking komend met zoveel verschillende kunstuitingen krijgt Claudie meer en meer behoefte zich zelf op het witte doek te uiten. In 1993 pakt zij voor het eerst de kwasten op en gaandeweg ontwikkelt zij zich tot serieus kunstschilder. Als kunstenaar is Claudie autodidact, alhoewel de lessen die zij bij kunstschilder Leo Dekker volgde een grote invloed op haar hebben gehad. Met name zoals zij zelf zegt in de vrije materiaal keuze (àlles kan worden gebruikt) en in de uitdaging om ‘het vrije experiment’ ten volle aan te gaan. Daarnaast volgde Claudie de Academieklas bij Marjan Nachtegaal die vooral het accent legt op emotionele expressie.
De schilderijen van Claudie Douwes Dekker laten zich het best omschrijven als abstract expressionistisch: geen herkenning van onderwerpen wel harmonisch in elkaar vloeiende vormen en doorwerkte kleuren: vlammend rood, oker, oranje of diep blauw gecombineerd met zeegroen. Claudies werk is altijd een kakofonie van kleur en warmte. In het proces gaat zij volledig intuïtief te werk en zelden is een schilderij dan ook in één keer ‘af’. Zij laat zich inspireren door verweerde muren van oude tempels, primitieve culturen en vormen gemaakt door de natuur.
Als basis zijn er grote elementen te herkennen, rondgaande halve banen en zogenaamde ‘luikjes’ die in een ritmisch patroon op verschillende werken terugkeren. Door de verschillende toegepaste technieken (sjablonen, weefsels, batik) is elk werk verrassend en origineel.
|